2. Wie is God?

2. Wie is God?

In Exodus 3:14 zegt God van Zichzelf: ‘Ik ben, die Ik ben’ – de Eeuwige, Die nooit verandert.

Er is bijna geen mens op aarde die zichzelf nooit eens afgevraagd heeft: ‘Is er een God? ‘. En er zijn ook bijna geen mensen die niet op een of andere wijze ‘in God geloven’. Ieder heeft zo zijn eigen voorstelling van de Persoon en het Wezen van God en geeft Hem naar eigen inzicht namen en aanduidingen. En niemand zal betwijfelen of bestrijden dat de mens met een bepaalde macht, die het menselijk verstand te boven gaat, te doen heeft en daaraan onderworpen is. En het is natuurlijk duidelijk dat degenen die menen dat er helemaal geen God is precies zo zijn als die mug, die zei dat er geen mensen bestaan. Geen wonder: een mug kan niet zo verschrikkelijk ver kijken…

Iedereen weet dat waar een gevolg is, ook een oorzaak is; en waar een oorzaak is moet ook een veroorzaker zijn. Er zijn er die in plaats van ’God’ zeggen: ’lot’. De mens zou dan min of meer aan zijn lot, aan een blind toeval onderworpen zijn. De mens is, zonder het te willen, aan een macht onderworpen en met dit zogenaamd lot heeft hij dan maar genoegen te nemen of dit nu voldoet aan zijn wensen of niet.

Er zijn er ook die in plaats van ’God’ zeggen: ’voorzienigheid’. Zij menen dat alles is voorbestemd en voorzien. In Azië is dit onder de naam Kismet zelfs een godsdienst geworden (namelijk in de islam). Voor hen blijkt het mogelijk te zijn nood en leed stoïcijns te accepteren; ’het komt toch zoals het komen moet’, is de verzuchting. Ze denken dat het beste maar is om alles over je te laten komen en het te ondergaan als zogenaamde ’voorzienigheid’.

Er zijn weer anderen die in plaats van ’God’ zeggen: ’hoger wezen’. Ze vermoeden dat er Iemand is Die met een bepaald doel de wereld en de mensheid ’regeert’. Ze voelen dat er Iemand is Die boven iedereen troont en dat alles aan Zijn wil onderworpen is.

Wie is God echt?

‘Ik ben, die Ik ben’, zegt Hij van Zichzelf. ’Ik ben Die, Die er van het begin af is en Die eeuwig zijn zal, Die zonder begin en zonder einde is. Ik ben de nooit Veranderende, Dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid. Ik ben Die, Die eenmaal bij de schepping sprak en het was er, Die gebood en het stond er (zie Psalm 33: 9). Ik ben Diegene Die eenmaal het laatste woord zal spreken!’

God is een Persoon Die hoort, ziet, spreekt en handelt. Hij is een drieënig God: God de Vader, God de Zoon, God de Heilige Geest. Drie Personen en toch één God. De Vader is niet de Zoon, en de Zoon is niet de Heilige Geest en toch bestaat er, ondanks een volledige gelijkheid in Wezen een vrijwillige ondergeschiktheid van de Zoon aan de Vader. Een geheim dat met het menselijk verstand absoluut niet te bevatten is. Probeer het niet! Want Goddelijke dingen kunnen alleen door de Geest van God verstaan worden (zie 1 Korinthe 2:12-16). God licht alleen voor diegene een tipje van de sluier op die vol eerbied voor God staat, want ’de vreze des HEEREN is het beginsel van wijsheid’ (Psalm 111:10).

Aan de hand van een gelijkzijdige driehoek kan dit geheim voor het menselijk begripsvermogen toch wat ’naderbij’ gebracht worden. Op de ene zijde van de driehoek staat ’Vader’ te lezen, op de andere zijde ’Zoon’ en op de derde zijde ‘Heilige Geest’. In het middelpunt van onze driehoek lezen we: ‘God’. Als het middelpunt met de hoeken verbonden wordt, wordt de Drie-eenheid van God iets (iets!) duidelijker.

Zo zien we gelijktijdig God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest: een Goddelijke Drie-eenheid in volmaakte harmonie. Maar we mogen onder geen enkele voorwaarde vergeten: God wil niet begrepen maar geloofd worden.

En om Hem te kunnen geloven heeft God Zich in Zijn onmetelijke genade aan de mensen geopenbaard:

1. Door Zijn schepping.

God heeft eenmaal door Zijn Woord alles geschapen. ‘Hij sprak en het was er, Hij gebood en het stond er’. De natuur met al haar schoonheid en alles wat zich erin beweegt brengt de mens altijd weer in verrukking. Al dit geweldige en verhevene spreekt de mens er steeds weer van dat God dat alles geschapen heeft. God is de natuur niet maar de natuur is het werk van Zijn handen.

Decoratief sterrenpatroon

2. Hij openbaart Zich door Zijn besturing en beheersing van Zijn schepping.

Hij bepaalt de loop van de zon, maan en sterren. ‘Hij laat Zijn zon opgaan over bozen en goeden en laat het regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen’ (Mattheüs 5:45). Hij laat groeien en bloeien, en schenkt daarmee de mens alles wat hij voor zijn dagelijks welzijn nodig heeft. De mens zegt dat dit natuurwetten zijn. Maar een wet is vast en star, denk bijvoorbeeld aan de wet van de zwaartekracht. Als de wisselingen in de natuur volgens een wet verlopen zouden dan moesten elk jaar bloei en oogst, regen en zonneschijn, vorst en sneeuw exact volgens een uurwerk plaatsvinden.

Maar stel u voor dat alles zo veranderlijk als de natuur was. Zou dan alleen al de gedachte aan de mogelijkheid dat morgen de zon zou ophouden te schijnen niet vreselijk zijn? Dat zou toch te gek zijn! ’Die alle dingen draagt door het woord van Zijn kracht’ (Hebreeën 1:3).

Nee, hier is sprake van Iemand Die in Zijn wijsheid alles draagt, regeert en dirigeert. Wat is het goed dat dit alles niet in de hand van de onberekenbare mens is of aan toeval onderworpen is!

3. God heeft Zich geopenbaard door Zijn volk Israël.

Nadat de mensen na de zondvloed in hun hoogmoed en grootheidswaanzin een toren tot aan de hemel wilden bouwen en het overduidelijk was dat ze in hun goddeloosheid van God niets weten wilden, koos God uit alle volken een volk dat Hij op een bijzondere wijze Zijn liefde en zegeningen bewees. Het Oude Testament is vol met beschrijvingen van dat wat God aan Zijn aardse volk steeds weer in goedheid openbaarde, ondanks de ontrouw van dit volk. Vele, vele dwaalwegen is het volk Israël tot vandaag de dag gegaan. Maar de beloften die God de aartsvaders Abraham, Izaäk en Jacob gegeven heeft staan vast tot in alle eeuwigheid. God is trouw en Hij neemt een eenmaal gegeven woord nooit meer terug. Zijn volk is bewaard gebleven in alle eeuwen, ondanks vervolgingen, verdrijvingen en alle pogingen het uit te roeien. Hoe vele volken zijn er niet geweest.

Ze bestaan niet meer, hun namen zijn nauwelijks nog bekend. Maar het volk Israël, het aardse volk van God, blijft bestaan! Toen God in 1948 Zijn volk, ondanks grote tegenstand, hun land teruggaf begon Hij Zijn beloften te vervullen.

4. Maar de grootste openbaring van God is wel dat de Zoon van God hier op aarde kwam in de gestalte van een Mens (zie Filippi 2: 6-9) om de verloren mens uit de diepte zonder God weer terug in Zijn gemeenschap te brengen. Het is weer te wijten aan de boosheid van de mens dat al de tekenen en wonderen die Gods Zoon Jezus Christus tijdens Zijn verblijf hier op aarde deed, als fabels worden afgedaan. Kleinerend en spottend spreekt men over het gebeuren op het kruis van Golgotha. Maar het was God Zelf Die Zich op Golgotha aan de mens openbaarde. Zijn almacht deed de aarde beven en de zon ophouden met schijnen.

5. Sinds Golgotha en vooral sinds de Pinksterdag openbaart God Zich aan vele miljoenen mensen.

Van mensen die Hem veracht en bespot hebben heeft Hij mensen gemaakt die Hem liefhebben en aanbidden. Moordenaars en inbrekers heeft God veranderd in mensen van liefde en vrede. Van drugsverslaafden, alcoholisten en levensmoeden maakte Hij gezonde, nuchtere, frisse en actieve mensen die Hem dank en eer geven. Uit mensen die in vertwijfeling en uitzichtloosheid zaten heeft Hij mensen met hoop en perspectief gemaakt. Dat doet God! (En God alleen! Want welk mens zou zulke grote dingen kunnen doen?  Immers geen enkel!)

Zo bouwt Hij tot vandaag toe nog Zijn levende Gemeente in deze wereld. Mensen uit allerlei godsdiensten, talen en rassen brengt Hij tot het levende geloof. Het zijn allen verlosten op grond van het werk van Jezus aan het kruis op Golgotha waardoor Hij Zich aan de mens heeft geopenbaard als teken ervan dat Hij de ‘Ik ben, die Ik ben’ is.

6. Door de Heilige Schrift, Zijn Woord, de Bijbel openbaart Hij Zich aan de hele mensheid. In hoofdstuk 1 spraken we al over dit wonderbare Boek dat in miljoenen exemplaren verspreid is en in vele talen getuigt van Zijn Woord. Heilige mannen hebben ze, gedreven door Zijn Geest, opgeschreven; en zo getuigt de Bijbel van Zijn wil. Ieder die zonder vooroordeel Gods Woord leest, kan niet anders dan toegeven dat dat Woord meer bevat dan mensenwoorden. Het kan alleen van God Zelf zijn Die Zich openbaart en tot het hart van de mens spreekt. Ook gebruikt Hij dienstknechten over de hele wereld om aan de hand van de Bijbel aan een ieder die luistert of leest Zichzelf voor te stellen. Op ditzelfde moment dat u dit boekje leest gebruikt Hij een directeur van een grote onderneming uit Duitsland, een arts uit Engeland en een verkoper uit Nederland om Zichzelf via Zijn Woord, de Bijbel, en de biddend neergeschreven woorden in dit boekje in liefde en genade aan u te openbaren.

Wie is God?

Nu nog is er Gods liefde, genade en erbarmen. Maar dat zal Hij niet altijd blijven! God heeft deze aarde, die zo vol is met vijandschap tegen God, zonde en schuld en waar dagelijks zoveel onschuldig bloed wordt vergoten, een bepaalde tijd van genade gegeven. Hij zal te zijner tijd deze aarde oordelen en niets wat aan zonde, overtredingen en vergrijpen heeft plaatsgehad zal Hij dan vergeten zijn.

Voor elk mens die in dit oordeel komt is het ‘vreselijk te vallen in de handen van de levende God! ‘(Hebreeën 10:31). Als dan straks de mensheid geoordeeld is wordt deze aarde met vuur verbrand, zoals dat te lezen is in Zijn Woord (zie 2 Petrus 3:10). Voor de mens in dit nucleaire tijdperk is dat niet moeilijk voor te stellen.

Daarna zal God een nieuwe hemel en een nieuwe aarde scheppen waar zonde en dood er niet meer zullen zijn; waar gerechtigheid woont. Ongestoorde vreugde en gelukzaligheid zullen daar genoten worden. God voert Zijn plan met de in zonde gevallen schepping uit en niemand zal Hem dat kunnen beletten. Hij is het Die van eeuwigheid af is en tot in eeuwigheid zijn zal.

De vraag luidt voor een ieder: ‘Wat is God voor mij?’

U, lezer, mag zich deze vraag ook stellen. Is Hij iets onbegrijpelijks of beangstigends? Is Hij nu uw Vader in de hemel of morgen uw Aanklager en Rechter…?

God openbaart Zich vandaag nog aan alle mensen door Zijn werken en door de Heilige Schrift, Zijn Woord. Hij hoort het roepen en ziet het leed van Zijn kinderen en reageert nog niet op de ongerechtigheden, misdaden en spot van de mensen. Maar zeer spoedig zal Hij Zijn kinderen van ‘geloven’ naar ‘aanschouwen’ brengen en zal Hij de mensheid oordelen naar haar werken.

Gelukkig is hij, die van de grote, heilige God zeggen kan: ‘Zeker, mijn ziel is stil voor God; van Hem is mijn heil. Zeker, Hij is mijn rots en mijn heil, mijn veilige vesting; ik zal niet al te zeer wankelen. In God is mijn heil en mijn eer; mijn sterke rots; mijn toevlucht is in God’ (Psalm 62:2, 3 en 8).

Arthur Schweizer

De auteur (Duitser van geboorte) heeft de boekjes
Antwort auf 2x 7 Fragen’,
Weisst du warum?‘
en ‘Wahrheit Friede Freude’ geschreven.
Deze vraag is er één uit een serie van 20 vragen.
Deze komen – vertaald en bewerkt – uit de vermelde drie boekjes.
Voor meer evangelisatielectuur verwijzen we graag
naar www.uhwdw.nl!