Bijbelstudie over Genesis 1 en 2

In het begin

Het begin van het Woord van God is van bijzonder belang voor de Bijbellezer. Als je doet alsof je deze Bijbelverzen voor de eerste keer leest, dan kun je jezelf afvragen: wat wil God ons mensen het eerste vertellen? Het verbazingwekkende is dat God niet begint met een beschrijving van Zijn eigen glorie, zijn grootheid, maar van een concrete handeling in de schepping. Dit wordt door velen niet langer aanvaard als de schepping van God. Maar een Christen hoeft niet onder de indruk te zijn van deze massaal aangehangen mening. Hij is tevreden met wat God hem vertelt. En dat is heel wat.

Genesis 1

Overzicht

Het is belangrijk om de eerste twee hoofdstukken van Genesis te begrijpen en om na te gaan om welk soort Bijbelboek het gaat.

  • Het is een van de langste boeken in de Bijbel.
  • Het is het basisboek van de Bijbel, waarop al het andere inhoudelijk en moreel voortbouwt. Bijvoorbeeld wat de relatie van de mens met God betreft.
  • In veel vertalingen wordt dit boek ‘Genesis’ genoemd – zoals het voor het eerst werd genoemd in de Septuaginta1)De griekse vertaling van het Oude Testament.. Genesis betekent ‘oorsprong’ – het is het boek van de oorsprong, van het begin, waarin alles als in een klein begin ingesloten zit.
  • Het voornaamste woord van dit boek is ‘leven’. Er wordt geschapen (hfdst. 1,2), opnieuw gegeven (hfdst. 3,8,9), voortgeplant (hfdst. 3,4,5) etc.
  • Veel, zo niet de meeste zegeningen die we in het Nieuwe Testament vinden, zijn al aangeduid in het boek Genesis – door middel van voorbeelden, beelden, typen of andere aanwijzingen.
  • Dit boek legt de basis voor de openbaring van God in de hele Bijbel. We kunnen de waarheid van de Bijbel niet belijden en tegelijk dit Bijbelboek verwerpen. De heerlijkheid van God als Schepper is onlosmakelijk verbonden met al Zijn andere heerlijkheden. De Schepper-God is ook de Redder-God. De mens is verantwoordelijk tegenover zijn Schepper, die ook zijn Redder wil zijn, en die – als de mens Hem afwijst – eens Zijn Rechter zal zijn.
  • Het begin van veel later ontwikkelde beginselen en waarheden van de Bijbel is te vinden in Genesis 1, met uitzondering van de wet. En zelfs dat is als beeld te vinden – bij Adam (zie Hos. 6:7, Rom. 5:14), en in beeld bij Hagar (zie Gal. 4:21 e.v.). Zelfs de gedachte van verlossing, dat we eigenlijk alleen in Exodus 12-15 vinden, zien we al terug in de zegen van Jakob (zie Gen. 49:18). Om een paar principes of waarheden te noemen:
    • De drie-eenheid van God is een lering van het Nieuwe Testament: God is één (Rom. 3:30), maar bestaat uit meerdere Personen. Wanneer het Oude Testament van God (elohim) spreekt, dan gebeurt dat in het meervoud, wat in het Hebreeuws duidelijk te zien is, zodat het meer dan twee personen moet zijn. Het allereerste vers van de Bijbel maakt dit duidelijk. ‘In het begin [enkelvoud] schiep God [meervoud] de hemel en de aarde’. Of in hoofdstuk 1:26: ‘Laten Wij mensen maken naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis’.
    • De menswording van de Heere Jezus, geboren uit een maagd, wordt voorzegd en aangeduid in hoofdstuk 3. Daar lezen we in vers 15 over ‘het zaad [of Nageslacht] van de vrouw’ (niet het zaad van de mensen) – van een man is geen sprake.
    • De antichrist wordt in hoofdstuk 3:15 voorgesteld als het zaad van Satan.
    • Wat de veiligheid van de gelovige betekent leren we door middel van Noach, die gered werd in de ark. Ook laat Noach ons het leven op aarde zien van een gelovige die opnieuw geboren is (Noach krijgt in beeld een nieuw leven, doordat hij door de ark gered wordt; hij leeft als het ware op een nieuwe aarde).
    • De uitverkiezing en roeping door God, vinden we bij Abraham.
    • In Izaäk wordt ons het zoonschap van de gelovigen in de genadetijd getoond, inclusief hun erfenis.
    • Bij Jakob leren we iets over de tucht van de Heilige Geest.
    • Abraham is een beeld van God de Vader (vooral in Gen. 22-24), die Zijn Zoon overgeeft tot in de dood. Izaäk is in deze hoofdstukken een beeld van de Zoon van God, die als Mens aan het kruis van Golgotha sterft en Zijn gemeente (waarvan Rebekka een beeld is) als bruid verwerft. Jakob is een beeld van de Heilige Geest, maar niet op een objectieve manier (alsof we de Heilige Geest als een Persoon kunnen aanschouwen), maar op een subjectieve manier: een beeld van hoe de Heilige Geest in de gelovigen werkt en hen naar de eindbestemming leidt. Dat is voor ons Christenen de hemel.
    • We leren iets over de rechtvaardiging uit het geloof bij Abraham. ‘Abraham geloofde in God en het werd hem tot gerechtigheid gerekend’ (Gen. 15:6; Rom. 4:3).
    • Door het leven van Abraham leren we iets over afzondering. Tegen hem werd gezegd: ‘Gaat u uit uw land, uit uw familiekring en uit het huis van uw vader, naar het land dat Ik u wijzen zal …’ (Gen. 12:1; Gal. 4:4). Met andere woorden: ‘Scheid uzelf af van uw huidige omgeving en ga naar een heel nieuwe omgeving’ – dat is afzondering.
    • We zien een beeld van de dood en opstanding van de Heere Jezus (in het offer van Izaäk, die Abraham in beeld terugkreeg alsof zijn zoon opgestaan was uit de dood, Hebr. 11:19).
    • We zien een beeld van de verhoging van de Heere Jezus in Jozef – zoals Hij nu verheerlijkt is en hoe Hij ooit op deze aarde verheerlijkt zal worden.
    • We leren iets over de toekomst van Israël. Het volk moet, zoals Jakob, door de diepte heen gaan, maar heeft een rooskleurige toekomst, net zoals het einde van Jakob het hoogtepunt van zijn leven was (hij zegende farao, Jozef en diens zonen, al zijn twaalf zonen, en hij aanbad God op zijn sterfbed).
    • We leren iets over het oordeel van God over al het kwaad. We leven nog steeds in een tijd van genade, maar het oordeel komt: over de wereld van de goddelozen (Gen. 6:8), over de wereld van immoraliteit (Gen.19, Sodom en Gomorra).
  • God geeft ons feiten, niet alleen vergelijkingen, ideeën enz. Alleen dit eerste boek van de Bijbel vertelt ons van feit tot feit hoe de dingen aan het begin zijn gebeurd. Ongeveer de helft van de Bijbel is historisch (de rest profetisch en/of poëtisch). De Auteur is niemand minder dan God zelf, die echter een hoger doel heeft dan alleen geschiedschrijving: de mens inzicht geven in wie God en hijzelf is.
  • Een menselijke schrijver zou waarschijnlijk begonnen zijn met een beschrijving van God in Zijn heerlijkheid, etc. God doet dit hier niet direct. Hij spreekt voornamelijk over feiten, niet alleen over indrukken. Deze feiten onthullen de heerlijkheid van God. Wat Hij doet, verkondigt Zijn heerlijkheid.
  • Wat God schept, is niet alleen ten behoeve van de mens, maar ook voor Zijn eigen verheerlijking. En dat geldt voor zowel het kleinste wat God schept als voor het grootste.
  • God openbaart zich in dit boek op heel veel manieren:
  1.  Schepper (Elohim; hfdst. 1);
  2. God de HEERE (de onderzoekende God met betrekking tot Zijn volk (Jahwe-Elohim; hfdst. 2);
  3. de Verbondsgod van mensen of van het volk (Jahwe; hfdst. 4);
  4. de hoogste God (El Elion; hfdst.14);
  5. de God die zich laat aanschouwen (El-Roi; hfdst. 16);
  6. God, de Almachtige (El Shaddai; hfdst. 17);
  7. de eeuwige God (El Olam; hfdst. 21);
  8. de God van de voorzienigheid (de Heere zal voorzien, Jahwe-Jireh; hfdst. 22);
  9. De Sterke (El; hfdst. 31);
  10. God van het huis van God (El-Bethel; hfdst. 35).
  • Niemand kende deze feiten, die we in Genesis 1 vinden, voordat ze op die manier door God werden geopenbaard. Dat is geweldig!
  • God communiceert op een manier die het hart, het verstand en ook het geweten treft. De mens voelt onmiddellijk dat dit bij God past!

Wetenschap en geloof

Keer op keer is er een verhitte discussie over hoe we wetenschap en geloof samen kunnen brengen. Voor een Christen moet de Bijbel het uitgangspunt zijn, omdat hij weet dat het Gods Woord en dus de waarheid is (zie Joh. 17:17). Hij kan erop vertrouwen. Zelfs als de Bijbel geen wetenschappelijk boek is, bevat het niets wat de realiteit tegenspreekt. Als actueel wetenschappelijk bewijs niet voldoet aan de Bijbel, zijn er de volgende mogelijkheden:

  1. De wetenschappelijke kennis komt niet met de werkelijkheid overeen. Met andere woorden: het bewijs wordt op een of andere manier vervalst, dat betekent dat het weerlegd kan worden.
  2. Wetenschappelijke kennis is gebaseerd op ideologische aannamen die onwaar zijn.
  3. Ik heb een bepaald vers of gedeelte van de Bijbel verkeerd begrepen.

Veel Christenen zijn misschien niet in staat om allerlei natuurwetenschappelijke verschijnselen te verklaren. Je zult gemakkelijk verliezen in discussies met wetenschappers of met mensen met een brede en diepgaande kennis van wetenschappelijke contexten. Zolang iemand zich aan het Woord van God houdt, zelfs als het onpopulair is en als onwetenschappelijk neergezet wordt, staat de Christen op een veilig fundament.

Hiervoor moet je bereid zijn om sommige misschien traditionele meningen die onder Christenen voorkomen en die niet direct uit de Bijbel afgeleid kunnen worden, heel voorzichtig te formuleren. De Bijbel zegt ook niet dat de aarde oud is, maar ook niet dat hij jong is. Er staat alleen dat God de hemel en de aarde ‘in het begin’ geschapen heeft, wanneer dat ook was. Voor het scheppen had God had niet veel tijd nodig. Psalm 33:9 laat zien dat Hij alleen maar hoefde te spreken – en daarmee werden dingen uit niets geschapen. Maar dat zegt niets over wanneer God geschapen heeft. De materie kan heel oud of heel jong zijn. Alleen als je tot de conclusie komt dat Genesis 2:1: ‘Zo zijn de hemel en de aarde voltooid, en heel hun legermacht. Toen God op de zevende dag Zijn werk, dat Hij gemaakt had, voltooid had, rustte Hij op de zevende dag van al Zijn werk, dat Hij gemaakt had’ zeggen wil dat ook het allereerste vers van de Bijbel deel uitmaakte van de zeven dagen, dan zouden we vanuit de Schrift kunnen beargumenteren dat de aarde jong moet zijn. Maar in Genesis 2:1 lezen we alleen wanneer het werk voltooid was, niet wanneer het begon. Aangezien het taalgebruik in Genesis 1:1,2 verschilt van die in vers 3 (pas vanaf vers 3 beginnen de Hebreeuwse vertelvormen), kan je ervanuit gaan dat de eerste twee verzen van het hoofdstuk geen deel uitmaken van de reeks van zeven dagen.

Belangrijk voor Christenen is dat de Bijbel ‘voorrang’ heeft. Iedereen die daaraan vasthoudt, zit wetenschappelijk op het juiste spoor. Soms – bijvoorbeeld met betrekking tot het fenomeen van het herkauwen bij hazen (vgl. Lev. 11:6) – duurt het lang totdat wetenschappers erkennen dat de Bijbel gelijk heeft. Dat laat weer zien dat de Bijbel niet-wetenschappelijk geschreven is. Maar daarmee is ze echter nog niet onwetenschappelijk. De verbanden die de Bijbel laat zien, zijn daar correct beschreven. De Bijbel heeft echter niet het doel – ook niet in Genesis 1 – om ons onderwijs op het gebied van wetenschap te geven. Achter alle feiten die God ons laat zien, zit altijd een geestelijke les. Dit te begrijpen behoort niet tot de expertise van wetenschappers. Dat kunnen alleen zij die God vrezen – wetenschapper of niet.

Hoofdstuk 1 en 2

Indeling

  • Genesis is verdeeld in twee delen:
    • Hoofdstuk 1-2: Het begin van het universum, de aarde en de mens.
    • Hoofdstuk 3-50: Redding door het Nageslacht van Eva (‘zaad’ van de vrouw), terug te zien in het geloofsleven van verschillende mensen.
  • Ook de eerste beide hoofdstukken zijn weer in twee delen te verdelen:
    • Hoofdstuk 1-2:3: Het begin van alle dingen, geschapen door God.
    • Hoofdstuk 2:4-24: De mens in zijn verantwoordelijke betrekking tot God.

Hoofdstuk 1:1 – 2:3: Het begin van alle dingen, geschapen door God

Voordat we deze verzen gaan behandelen wil ik een overzicht van deze verzen en van de scheppingsdagen laten zien. Dit zou de structuur van deze uitleg duidelijker moeten maken.

VersDagSfeerInhoud
1:1In het beginDe hemel
De aarde
De oorspronkelijke schepping van het universum, de materiële hemel en de bewoners ervan.
1x God schiep de hemelen en de aarde
1:2aErgens daarnaDe aardeDit vers laat chaos zien en kan worden verklaard als een gevolg van de val van Satan, die de hele aarde beïnvloedde. Hier is alleen sprake van de aarde, niet meer van de hemel.
1:2b Tijd gelijk aan 1:2aHet waterGod geeft de aarde niet op; daarom houdt de Geest van God zich bezig met het geschapene, om het weer in een staat van orde te brengen.
1:3-5Dag 1LichtLicht – scheiding licht/duisternis
1x goed (God zag dat het goed was)
1:6-8Dag 2Water/ hemel/luchtUitbreiding in het midden van het water – uitbreiding lucht – scheiding: hemel/aarde
1x het werd [En zo werd het]
1:9-13Dag 3Aarde/zeeëna) Scheiding aarde/zee
b) Aarde brengt vrucht voort
2x het werd, 2x goed
1:14-19Dag 4LichtenLichten aan de hemel (zon, maan en sterren)
1x het werd, 1x goed
1:20-23Dag 5Water/ hemel/luchtLeven in water en lucht (hemel)
1x goed
1x God schiep de zeemonsters
1:24-31Dag 6Aardea) Dieren op de aarde
b) Mens
2x het werd, 1x goed, al het gemaakte: 1x zeer goed
1x God schiep de mens
2:1-3Dag 7Hemel en aardeGod rustte, geen avond, geen morgen meer

Parallellen

  • Ik probeerde in het overzicht duidelijk te maken dat er altijd parallellen zijn tussen twee dagen: tussen de eerste en de vierde dag, de tweede en de vijfde dag, en ook tussen de derde en de zesde dag. Bij de eerste en vierde dag gaat het om licht c.q. lichten, bij de tweede en vijfde dag om water en lucht of de bewoners ervan, bij de derde en zesde dag om de aarde (en deels de zee) en de vrucht, het leven op aarde.

Dubbele dagen

  • Het valt ook op dat de derde en de zesde dag elk uit twee delen bestaan. Dus God was tijdens die dagen twee keer actief. Zes keer lezen we dat de dingen werden zoals God het wilde hebben; zes keer geeft Hij wat Hij gemaakt heeft het predicaat ‘goed’. Aan het einde van zijn actieve werk op de zesde dag kan hij over het complete werk zeggen: ‘zeer goed’.

Scheiding

  • Nog iets. De eerste drie dagen worden gekenmerkt door de scheiding van bepaalde dingen – geestelijk toegepast kunnen we spreken van afzondering. Dag 4 en dag 6 daarentegen worden gekenmerkt door het feit dat wat gescheiden is, vervuld is van leven, en dat leven begint al op de derde dag.

God

  • Samenvattend: in Genesis 1:1 tot 2:3 wordt 35 keer (5 x 7), de naam ‘God’ (Elohim) genoemd.

Dit artikel wordt t.z.t uitgebreid met de hierop volgende delen van deze bijbelstudie.

Manuel Seibel

Voetnoten   [ + ]

1. De griekse vertaling van het Oude Testament.