Is de Heer Jezus wel voor onze zonden gestorven?

Vraag:

Ik ben Christelijk opgevoed en heb van jongs af aan gehoord dat de Heer Jezus voor onze zonden is gestorven. Bij het ouder worden vraag ik me af: is dat geen inbeelding? Hij is uiteraard gestorven. Maar dat gebeurde toch uit jaloezie door de Joden, overgeleverd om door de Romeinen te worden gekruisigd? Ze wilden Hem immers niet erkennen als hun Messias, als ‘Koning der Joden’ en ook niet als Gods Zoon!

Antwoord:

Het is goed als we kritische vragen stellen bij wat we van jongs af hebben gehoord. Maar dan moeten we wel teruggaan naar de enige bron die gezaghebbend kan spreken: de Bijbel. En als dat Woord u iets zegt, sta dan niet toe dat menselijke theologische redeneringen, filosofie, wetenschap of zelfs ouderdomszwakte twijfel in uw hart teweegbrengen!

U haalt terecht aan dat de Joden hun Messias uit jaloezie, afgunst en haat hebben verworpen. Omdat ze zelf in die tijd geen politieke macht hadden, moesten ze de doodstraf laten uitspreken en voltrekken door de Romeinen, die in die tijd de kruisiging toepasten. Daardoor zijn alle mensen – Joden zowel als heidenen – schuldig geworden aan de dood van Jezus Christus, de Vorst des levens. Als ze het hadden begrepen Wie Hij was, hadden ze Hem niet gekruisigd.

Als wij de evangeliën lezen, komen wij als mensen tot de conclusie dat de mensen heel bewust de ogen hebben gesloten voor de werkelijkheid, voor de waarheid, en dat ze heel bewust Gods eigen Zoon uit haat hebben vermoord. Toch zegt Gods Woord dat niet. De Heer Jezus vroeg, hangend aan het kruis: ‘Vader, vergeef hun, want zij weten niet wat zij doen’ (Lukas 23:34). Ze hadden de Vorst van het leven verworpen en gevraagd of hun een moordenaar werd geschonken, Barabbas. Maar in zijn toespraken in de Handelingen laat de apostel Petrus zien dat God alsnog aan de Joden de behoudenis aanbiedt, omdat ze het ‘in onwetendheid’ hadden gedaan. Dat is Gods zuivere genade.

Deze kant is de verantwoordelijkheid van de mens, die zich in onwetendheid schuldig maakt aan de dood van Gods eigen Zoon. Maar er is nog een andere kant: Hij werd door de bepaalde raad en de voorkennis van God overgegeven in de dood (Handelingen 2:23). Het was Gods eeuwig raadsbesluit (voor ons niet te begrijpen) dat Hij Zijn eniggeboren Zoon voor ons wilde geven. Waarom? Het was Zijn liefde die Hem hiertoe bracht. Eén heel belangrijke reden waarom God Zijn Zoon moest zenden, was het probleem van de zonde en het probleem van onze zonden.

Wat zegt Gods Woord hierover?

Want ik heb u in de eerste plaats overgegeven wat ik ook ontvangen heb: dat Christus voor onze zonden gestorven is, naar de Schriften; en dat Hij is begraven, en dat Hij op de derde dag is opgewekt, naar de Schriften; … Als Christus niet opgewekt is, dan is uw geloof vergeefs, dan bent u nog in uw zonden’ (1 Korinthe 15:3-4,17). ‘Want allen hebben gezondigd en bereiken de heerlijkheid van God niet, en worden om niet gerechtvaardigd door Zijn genade, door de verlossing die in Christus Jezus is. Hem heeft God gesteld tot een genadetroon door geloof in Zijn bloed …’ (Romeinen 3:23-25). ‘Het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde’ (1 Johannes 1:7). ‘Hem Die ons liefheeft en ons van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed …’ (Openbaring 1:5). ‘Maar Christus, gekomen als Hogepriester … met Zijn eigen bloed, is eens voor altijd ingegaan in het heiligdom, en heeft een eeuwige verlossing verworven … Hoeveel te meer zal het bloed van Christus … uw geweten reinigen’ (Hebreeën 9:11-14). ‘Zonder bloedstorting is er geen vergeving’ (Hebreeën 9:22). ‘Die Zelf onze zonden in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout’ (1 Petrus 2:24). ‘Christus [werd] éénmaal geofferd om de zonden van velen te dragen’ (Hebreeën 9:28).

De uitdrukking ‘bloed’ komt in de geciteerde teksten vaak voor. Als er in de Schrift wordt gesproken over het vergoten bloed van de Heer Jezus, duidt dat op het feit dat Hij Zijn leven voor ons gaf. Hij stierf in onze plaats, zoals eens onder de oude bedeling in Israël iemand die gezondigd had, alleen kon blijven leven als er een zond- of schuldoffer gebracht was. Hij heeft in Gods oordeel het volle gewicht van Gods recht ondervonden; Hij heeft de volle straf van de heilige God over onze zonden gedragen. Hij werd zelfs tot zonde gemaakt (2 Korinthe 5:21), dat wil zeggen behandeld en geoordeeld alsof Hij Zelf de Bron van alle kwaad was, terwijl Hij toch de Heilige en Rechtvaardige was (1 Petrus 3:18). Gods Woord zegt ook: ‘Als wij onze zonden belijden, Hij [God] is getrouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid’ (1 Johannes 1:9). Ik mag er toch van uitgaan dat u uw zonden nu al jaren geleden met oprecht berouw voor God hebt beleden, dat u uzelf voor Zijn heilig aangezicht hebt gezien als een verloren, verdorven zondaar? Welnu, dan zegt de Bijbel, Gods Woord, in de hierboven genoemde teksten dat u zich helemaal niets hebt ingebeeld. God hééft u vergeven op grond van Christus’ verlossingswerk; God hééft u gemaakt tot Zijn kind (Johannes 1:12), en Hij hééft u Zijn Geest gegeven als onderpand van de heerlijke toekomst die voor u ligt (Efeze 1:13-14).

Wie kan zo’n liefde voor verdorven zondaren als wij waren, ooit begrijpen? Nee, als u me vraagt Gods liefde en genade uit te leggen, moet ik zeggen: dat kan ik niet. Maar als ik hierover nadenk in het besef wie ik zelf was, brengt me dat tot lof, dank en aanbidding voor deze grote Heiland-God. En dat is misschien wel het beste medicijn tegen de twijfels die de leugenaar maar al te graag in onze harten wil zaaien. Ik raad u daarom aan om in plaats van te twijfelen of uw behoudenis te beredeneren, gewoon op uw knieën te gaan en God van harte te danken voor deze onuitsprekelijke gave van Zijn Zoon, Die overgeleverd is om onze zonden en opgewekt tot onze rechtvaardiging.

E.H.W. Luimes