Gij zijt veel schoner dan de mensenkinderen!

Gij zijt de schoonste! Gij boogt vol genade
tot in de dood Uzelf in het stof.
Gij zijt volmaakt, Zoon van God, Zoon des mensen.
Gij toch hebt recht op de dank en de lof
van al degenen die Gij wildet kopen.
Heer, welk een prijs hebt Gij eenmaal betaald!
Gij gingt in ’t oordeel van God, Die tevoren
reeds deze prijs voor de Bruid had bepaald.

Gij zijt de schoonste! Want Gij zijt zo heilig!
Niemand – o Godslam – is aan U gelijk!
Gij kwaamt de werken van satan verbreken.
U komt de macht toe in ’t eeuwige rijk,
dat is gegrond op genade en waarheid.
Gij hebt op aarde de Vader verklaard,
’t Is in een weg van de diepste verneed’ring
dat Gij Gods liefde de mens openbaart.

Gij zijt de schoonste! U zij al d’ ere,
U zij de lof en d’ aanbidding gebracht.
U zij ons leven gewijd als een offer,
dat God als dank van de Uwen verwacht.