De zeventig jaarweken

Vraag: 

Maken de 70 weken van Daniël deel uit van de huidige periode van Gods lankmoedige genade voor de wereld?

Antwoord: 

Deze terecht heel bekende profetie uit Daniël 9 is een interessante studie waard. En het juiste begrip ervan is bijzonder noodzakelijk voor gelovigen die het profetische Woord bestuderen. De zeventig weken – weken van jaren – beslaan een periode van 490 jaar: 70×7 jaren. ‘U moet weten en begrijpen: vanaf de tijd dat het woord uitgaat om te laten terugkeren en om Jeruzalem te herbouwen tot op Messias, de Vorst, verstrijken er zeven weken [49 jaar] en tweeënzestig weken [434 jaar]. Plein en gracht zullen opnieuw gebouwd worden, maar wel in benauwde tijden’ (Dan. 9:25). 

Wanneer werd dit bevel met betrekking tot de herbouw van Jeruzalem gegeven? Dat kun je vinden in Nehemia 2. Dus vanaf het tijdstip dat Arthahsasta zijn decreet gaf, tot op de openlijke intrede van de Messias in Jeruzalem als de Vorst en de Koning van Juda (Matth. 21:5 en Zach. 9:9) hebben we een periode van in totaal 483 jaar. 

Nu, het is heel belangrijk op te merken dat wat volgt (vs. 26) geen deel van deze weken vormt, maar na het eind van de 69e week en voor het begin van de 70e week komt. De dood van de Messias, de verwoesting van Jeruzalem en een lange periode van vastbesloten verwoestingen zijn de gebeurtenissen die plaats zouden vinden tussen de 69e en de 70e week; het zijn gebeurtenissen die van geen van beide weken deel uitmaken. Dit is dus de tussenliggende periode van grote betekenis, die nu al zo’n twintig eeuwen geduurd heeft. 

Als je niet doorhebt dat er een tijd ligt tussen deze perioden (vs. 26), dan zal de profetische toekomst gehuld zijn in verwarring. En zij die de toekomst bestuderen, zien zich verwikkeld in onontwarbare moeilijkheden. Maar als je deze tussentijd erkent, wordt alles duidelijk. In deze tijd wordt het getuigenis van de opgestane Zoon van God wereldwijd bekendgemaakt. God brengt uit de wereld door de dienst van het Woord en het getuigenis van de Geest een volk bijeen voor de Naam van Zijn geliefde Zoon. De bruid wordt geroepen uit te gaan en wordt door de woestijn naar Christus geleid, precies zoals Rebekka naar Izaäk geleid werd (Gen. 24).

De verenigde heerschappij en het hoofdschap over alle werken van Gods handen zijn geschonken aan Christus als Mens en ook aan de leden van Zijn lichaam, want zij zijn erfgenamen van God en mede-erfgenamen van Christus. Nu, als het huidige werk van genade en heerlijkheid voorbij is, als de kinderen zijn thuisgebracht in het Vaderhuis met de vele woningen (Joh. 14:1-3), dan zal de loop van de zeventig weken weer worden hervat. 

De zeven jaar die nodig zijn voor de voltooiing van de hele periode (490 jaar) zijn dus ook nu nog toekomstig. De aanwezigheid van de Joden in hun land, de herbouwde tempel en de sluiting van het verbond tussen de massa van het volk en het hoofd van het vierde, Romeinse rijk zijn noodzakelijke omstandigheden voor de vervulling van deze laatste periode van zeven jaar (Dan. 9:27). Dus de 70 weken of de 490 jaar van de bekende profetie van Daniël vormen een deel van de huidige periode van Gods lankmoedige genade voor de wereld.

Walter Scott