De schoonheid en volmaaktheid van de Heer Jezus
“En ontzetting beving allen en zij verheerlijkten God en werden met vrees vervuld en zeiden: Wij hebben vandaag ongelofelijke dingen gezien” (Lukas 5:26).
De Heer Jezus is in Zichzelf de samenvatting en weergave van alle mogelijke schoonheid en volmaaktheid. De Mens Christus Jezus nam toe in gunst bij God en mensen. Hij was altijd de Dienstknecht van iedereen. Het eerste wat mij trof bij het lezen van de Evangeliën was: hier is een Mens Die nooit iets voor Zichzelf deed. Wat een wonder is het een Mens te zien Die niet voor Zichzelf leefde, want Hij bezat en genoot God voor Zichzelf.
De Evangeliën laten Iemand zien in Wie geen spoor van zelfzucht aanwezig was. Zij leggen een hart bloot dat voor iedereen klaarstond. Om het even hoe diep Zijn eigen verdriet was, Hij zorgde altijd voor anderen. Hij kon Petrus in Gethsémané berispen, en de stervende misdadiger op het kruis vertroosten. Zijn hart was boven de omstandigheden verheven en handelde nooit als daaraan onderworpen, maar gedroeg zich in die omstandigheden altijd in overeenstemming met God.
De enige daad van ongehoorzaamheid die Adam kon begaan, beging hij ook; maar Hij Die alles kon doen wat Zijn macht betreft, gebruikte Zijn macht alleen maar om een nog meer volmaakte dienst en een nog meer volmaakte onderwerping te tonen. Hoe gezegend is de schildering van de wegen van onze aanbiddelijke Heer!
Hoe getrouwer Hij was, des te meer werd Hij veracht en tegengestaan; hoe zachtmoediger, des te minder gewaardeerd. Maar dit alles bracht geen verandering bij Hem teweeg, want Hij deed alles alleen voor God: niettegenstaande de menigte, ondanks Zijn discipelen, of ten overstaan van Zijn onrechtvaardige rechters, niets veranderde de volmaaktheid van Zijn wegen, omdat Hij in alle omstandigheden alles voor God deed.
Waaruit bestond dan het leven van de Heer Jezus, de Man van Smarten en verzocht in krankheid? Het was een leven vol ijver in het verborgene, dat ervoor zorgde dat de liefde van God de meest verscholen hoeken van de samenleving kon doordringen, daar waar de noden het grootst waren. Dit leven nam zichzelf niet in bescherming tegen de ellende van deze wereld, maar het bracht daarin – kostbare genade – de liefde van God!
(Uit: ‘The Lord is near’).
J.N. Darby