De natiën zullen zich verblijden
‘God zij ons genadig en zegene ons … Dan zal men op de aarde Uw weg kennen, onder alle heidenvolken Uw heil. De natiën zullen zich verblijden en juichen, omdat U de volken rechtvaardig zult oordelen; de natiën op de aarde zult U leiden’ (Ps. 67:2-3,5).
Hoe heerlijk wáár is het dat de aarde vol zal zijn van de kennis van de Heere, zoals het water de bodem van de zee bedekt (Jes. 11:9). Maar hoe wordt deze grootse en heerlijke uitkomst bereikt? Is het de bedoeling van God om de Gemeente te gebruiken als Zijn instrument? Volgens de Bijbel niet! In dit gedeelte zien we dat het zal gebeuren wanneer God Israël genadig zal zijn – wanneer Hij Zijn aangezicht over hen doet lichten. Dan, en niet eerder, zal Zijn weg gekend worden op de aarde, onder alle heidenvolken Zijn heil. Het is door Israël en niet door de Gemeente dat God uiteindelijk de natiën zal zegenen.
Het ‘ons’ in deze Psalm verwijst naar Israël. Zoals wij weten, is Israël het grote thema van de Psalmen, de Profeten en het hele Oude Testament. Er is geen woord in te vinden over de Gemeente, alleen symbolen en voorafschaduwingen waarin we, nu we het Nieuwe Testament hebben, de Gemeente herkennen. Maar de leer van de Gemeente bleef een mysterie totdat de apostel Paulus, aan wie het volledig was geopenbaard, dit onthulde dat verborgen was in God.
God had Abraham beloofd: ‘Ik zal uw nageslacht zo talrijk maken als de sterren aan de hemel … In uw nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden’ (Gen. 26:4). Het is Gods eeuwige doel dat het nageslacht van Abraham, Zijn vriend, uiteindelijk een prominente positie zal innemen op de aarde en dat de natiën in en door hen heen gezegend zullen worden. De zegen van de volken, hun bekering, is door Israël en niet door de Gemeente.
C.H. Mackintosh